in

Call of Duty: Advanced Warfare Review – Suits


Call of Duty heeft een probleem. Niet het feit dat mensen ‘er klaar mee zijn’, want dat zijn ze niet. Niet het feit dat het ‘al jarenlang hetzelfde is’, want dat is het niet. Niet het feit dat het ‘oppervlakkig en simpel gemaakt is’, want dat is het niet. Deze serie zet al jarenlang een consistente kwaliteit neer waar menig andere serie alleen maar van kan dromen. Het échte probleem van Call of Duty? Door elk jaar diezelfde consistente kwaliteit te bieden, wekt de serie de illusie van creatieve armoede en luie ontwikkelaars. Iets dat Call of Duty: Advanced Warfare tegen probeert te gaan.

Voor wie we het nog moeten uitspellen: Call of Duty: Advanced Warfare is een typische Call of Duty-game. Het heeft een korte singleplayer campaign met veel explosies, locaties, voertuigen, spektakel en een verhaallijn die geen prijzen zal winnen. Het heeft verschillende multiplayermodi waarin teams rondrennen en elkaar afschieten, al dan niet met de doelstelling om meer kills dan de ander te maken of een paar specifieke plekjes op de map te veroveren. Maak genoeg van die kills en je kunt speciale aanvallen inzetten zoals een vliegtuigje dat andere spelers weergeeft op de map. De strijd ga je in met een personage dat wapens, perks en wild cards meeneemt die je zelf hebt uitgezocht. Wie roept dat deze serie ‘eindelijk eens onder handen genomen moet worden’ en vervolgens erop wijst dat bovenstaande ‘elk jaar hetzelfde is’ heeft het niet helemaal begrepen. Wie rigoureuze veranderingen eist aan de basisopzet, eist simpelweg een andere game dan Call of Duty. En het nieuwe probleem is dat we dan geen Call of Duty-game meer hebben, waar het grote publiek jaarlijks zo om roept.

XOXO
Toch gelooft Sledgehammer Games dat het wel degelijk een andere game heeft neergezet. Het ironische is dat ze, ondanks het betoog hierboven, dat ergens ook gedaan hebben. Met Advanced Warfare springt de serie een kleine halve eeuw vooruit in de tijd, wat de ontwikkelaar de mogelijkheid heeft gegeven om een beetje te experimenteren. Dat alles daarbij gebaseerd is op keiharde research en een relatief realistische weerspiegeling van mogelijke technieken, zorgt ervoor dat het geheel visueel gezien misschien minder indruk maakt dan je zou verwachten – haal de drones weg die als zwermen vogels boven je vliegen, de dikke mechanische pakken die soldaten dragen of de juist uitstekend ontworpen EXO-suit die de soldaat van de toekomst aanheeft en je hebt dezelfde stijlvoering die Call of Duty altijd heeft. Maar dat is het punt met deze game. Het haalt die dingen niet weg, het gebruikt ze juist als een fundering om de boel wat op te schudden.

Die EXO-suit, een stalen skelet dat je om je ledematen draagt ter versteviging, zorgt er vooral in de multiplayermodi voor dat er getoornd wordt aan de basis van deze serie. De EXO-vaardigheden (een tijdelijke invisibility cloak, sneller genezen, sneller rennen) zijn leuke toevoegingen, maar de echte verandering is de EXO-boost. Druk twee keer op springen je springt na je initiële sprong nog een paar meter extra omhoog, druk je linker analoge stick in en beweeg een richting op en je schiet in de lucht nog eens een paar meter een kant naar keuze op. Die laatste zin is eigenlijk alles wat je moet lezen over deze nieuwste Call of Duty, want het is dé verandering die zo positief uitpakt dat dit enkel en alleen daardoor al een van de betere delen van de afgelopen jaren is geworden. Dat springen, boosten en bijsturen in de lucht verandert de vertrouwde run ’n gun-gameplay in een verticaler spel, waar maps vervolgens feilloos op inspelen. Sledgehammer Games heeft daarnaast nog succesvol een zwaarder en trager gevoel aan de spelbeleving meegegeven, terwijl de wapens veel minder dan voorheen voelen als proppenschieters en veel meer écht als zwaar geschut.

Hoi Hardpoint. Dag Gun Game.
Of de maps en wapenbalans de komende maanden standhouden is iets dat we nu nog niet kunnen vaststellen, maar duidelijk is in ieder geval dat de veranderingen in de kern van de gameplay met groot succes zijn doorgevoerd. Call of Duty: Advanced Warfare is een iets ander spel geworden, zelfs tot op het punt dat we vrezen voor komende delen die weer teruggaan naar lopen, rennen of kruipen als de enige manieren van voortbewegen. Niet dat het spelers van dit deel (of Sledgehammer Games, die ongetwijfeld deze lijn door gaat zetten in hún komende Call of Duty’s) iets zal boeien. Zij krijgen met Advanced Warfare precies wat de serie nodig had. Een verandering van de actie zonder dat het ooit ‘niet Call of Duty’ is.

Achter de schermen, voorbij de futuristische snufjes en naast de verandering in de kern van de gameplay is het namelijk gewoon weer bekend voer wat de klok slaat. De harde kern spelers zal blij zijn om te horen dat modus Hardpoint (net als Capture the Flag) weer terugkeert. Daarvoor in de plaats zijn de weinig interessante modi Blitz en Cranked geofferd en nemen we helaas ook afscheid van het meer ongedwongen, speelse Gun Game. Clan Wars keert terug, net als de wijze waarop we onze load-out vrij bepalen aan de hand van een beperkt aantal te spenderen punten. Strike Packages keren in iets andere vorm terug en zijn dit keer te upgraden, zodat ze bijvoorbeeld langer aanhouden, of de score doortelt zelfs al leg je het loodje. Ondertussen maken de modi Momentum en Uplink hun opwachting. In die laatste draait het erom dat je een object de vijandelijke basis in krijgt, terwijl die eerste gebruik maakt van een checkpoint dat je moet veroveren om het volgende checkpoint dichter bij de vijand open te spelen. Uplink is uiteindelijk vrij inwisselbaar en zal weinig populair worden, terwijl de hectiek en de spanning van het continu verplaatsen van de actie in Momentum de potentie heeft om bijzonder populair te worden. Als laatste is horde-mode Survival ietwat op de schop gegaan, door gebruikelijke waves af te wisselen met objectives als het verzamelen van dogtags of het onschadelijk maken van explosieven. Leuk, maar op een gegeven moment stopt de moeilijkheidsgraad met stijgen en dan heb je het ook eigenlijk wel weer gezien.

Call of Looty
Een van de leukste nieuwe ideeën is iets dat we kennen uit andere games: random loot. Tijdens het spelen of met het behalen van specifieke uitdagingen krijg je een kist waar een nieuw wapen of een nieuw stuk kleding in zit. De buit varieert van een standaard, tot een bijzonder of zelfs zeldzaam item dat je kunt equippen of verkopen in ruil voor experience points. In het geval van de wapens is Sledgehammer Games zover gegaan dat de meer zeldzame wapens zelfs eigen namen en andere statistieken hebben dan het basiswapen (dat je vrijspeelt door simpelweg een level omhoog te gaan). Een betere statistiek (bijvoorbeeld een verhoogde range), gaat echter wel altijd ten koste van een andere statistiek.

Zo doet een standaard AMR9 bijvoorbeeld 6 damage met een handling van 18, maar zou je in een van je loot drops zomaar eens een AMR9 kunnen vinden die 8 damage doet met een handling van 16. In onze speeltijd merkten we nog niet echt de impact van die verschillen, maar het is duidelijk dat Sledgehammer Games geen enkel wapen écht beter wil maken dan een ander. Daaraan ten grondslag ligt overduidelijk het heilige einddoel van de perfecte balans tussen wapens, maar het neemt ook een beetje de spanning weg van nieuwe loot vergaren. Desondanks zal een gamer die op hoog niveau speelt wel degelijk los gaan op net dat ene andere statistiekje dat zijn speelstijl beter ligt.

Die Hard 17
Voor wie zich afvraagt of we het nog over de singleplayercampaign gaan hebben, natuurlijk slaan we die niet over, maar de waarheid is dat er weinig bijzonders over te vertellen valt. Ja, Kevin Spacey doet het fantastisch en de tussenfilmpjes zijn zo mooi dat we vaak genoeg even moesten dubbel checken of we niet gewoon naar een film met echte acteurs zaten te kijken. En ja, het is weer continu groots, spectaculair, een spetterende rit, met veel voertuigen, locaties en meer explosies dan op het toilet na een avondje pittig Indisch eten. Het verhaal is aardig en dit keer veel meer coherent, beter in beeld gebracht en met meer persoonlijkheid verteld dan voorheen. En ja, de EXO-suit en futuristische foefjes zijn leuke gimmicks tussen het neerschieten van duizenden bad guys door. Maar waar de veranderingen in de multiplayer-modus hun waarde bewijzen, is de singleplayer-campaign een vertrouwd kort avontuur dat we al zo vaak eerder speelden. Call of Duty heeft geen explosies of grootsheid meer over om zijn voorgangers te overtreffen, want die bereikten allemaal al maximaal effect. Dit is het equivalent van Die Hard 17. Begrijp ons niet verkeerd, we zouden graag in een wereld willen leven waarin er zeventien Die Hard-films gemaakt worden, maar verwacht niet dat we bij dat zeventiende deel plotseling overrompeld worden door hoe goed het allemaal (weer) gemaakt is.

Leuke post? Drop een hartje

Score: 0/5 volgens 0 gamers

Nog geen hartjes. First!

Abonneer
Laat het weten als er
0 Reacties
Inline feedbacks
Bekijk alle reacties

Holle beloftes – de meest tegenvallende vervolgen, prequels en reboots

Football Manager 2015 – Vervelend uit verveling