in

Effe over cijfers


“Grrr… hoe kan die game nu een 9 scoren?”, “Vier minpunten en nog altijd een 8,5?” en “Een 8? Budgetbaktitel dus.” – zomaar drie veelvoorkomende uitspraken over reviewcijfers van games. Cijfers worden compleet uit verband getrokken en verliezen zo al hun waarde; maar let wel, niet alleen de lezer is hier schuldig aan.

Ik word bijvoorbeeld altijd een beetje misselijk als ik banners met gamereclames of teksten op de hoesjes van games zie. De negens en tienen met enkele citaten vol superlatieven van gerenommeerde gamesites vliegen je om de oren: dit moet wel een steengoede game zijn. Het is natuurlijk simpele marketing, maar ja, die hoge cijfers zijn wel degelijk door reviewers afgegeven. En dus koop je de game.

“Wist je dat IGN vaak gekscherend I Give Nines wordt genoemd?”

En dan komt dat moment waarop je ziet dat een game waarvan vorig jaar van dezelfde eenheidsworst al een plakje werd geserveerd (bijna) net zo hoog of soms zelfs hoger scoort als een grensverleggende game. Ouch, dat doet pijn… Ik noem als voorbeeld een The Witcher 3 (verschenen in mei 2015) versus een Assassin’s Creed: Odyssey (verschenen in oktober dit jaar). Een oneerlijke vergelijking, zal je denken. Wel, is het niet zo dat Ubisoft voor de laatste twee Assassin’s Creed-delen expliciet heeft aangegeven te hebben gekeken naar hoe CD Projekt Red haar game heeft aangekleed? En zitten beide games niet in hetzelfde genre?

Hoe kan het dat een game die ruim drie jaar geleden al op baanbrekende wijze zijmissies heeft weten te presenteren die niet onderdoen voor hoofdmissies – iets wat tot op heden geen enkele game beter heeft gedaan of zelfs maar heeft geëvenaard – in een gelijke scoreklasse zit als een game die daar voorbeeld aan heeft genomen maar er op vrijwel alle vlakken voor onderdoet? Denk bijvoorbeeld aan voice-acting, script, diepgaande personages, relaties, keuzesysteem, animaties, thema’s en een organisch aanvoelende, levendige wereld. Of nog erger: hoe kan zelfs voorganger Syndicate (verschenen in hetzelfde jaar als The Witcher 3) met verreweg minder klasse toch maar minimaal minder scoren dan The Witcher 3?

Dat komt in mijn optiek doordat reviews onder inconsequente bedingingen worden geschreven (verholen onder het kopje subjectiviteit van de schrijver) en er cijfer-inflatie heeft plaats gevonden. Daarnaast vind ik dat critici wel wat kritischer mogen zijn (it’s already in the name), maar daar zal ik in een tweede artikel over uitweiden.

Uiteraard besef ik dat een recensent ook gewoon een mens van vlees en bloed is, oftewel iemand die niet altijd rationele redenen heeft om een bepaald gevoel bij een product te hebben. En natuurlijk is het ook moeilijk: je kunt geen tekst schrijven en een cijfer scoren waar iedereen per se achter staat – over smaak valt immers niet te twisten. Het is mijns inziens echter de taak van de schrijver een lezer zo veel mogelijk beargumenteerde informatie voor te schotelen. Dit heeft als doel dat de lezer naast de gewogen beslissing van de schrijver ook zelf een oordeel kan vellen over wat voor hem of haar van belang is.

Natuurlijk hoeft een recensie geen droge opsomming te zijn; evenmin is een cijfer per definitie een optel- en aftreksom van plus- en minpunten. Desalniettemin neem ik mezelf altijd voor bij het schrijven van een review in ieder geval alle, dat wat ik graag kernelementen noem te bespreken. Te weten: gameplay, verhaal en dialogen (met andere woorden: het script), personages, visuele aspecten (i.e. animaties, graphics, stijl), audio (i.e. voice-acting, muziek, overige geluiden), technisch functioneren en algehele productiewaarde (i.e. prijs-kwaliteitverhouding, replay value en bestaansrecht/uniciteit binnen het genre).

Beschrijf je namelijk al deze facetten, die op vrijwel elke game van toepassing zijn, dan bespreek je de game mijns inziens zo goed en volledig mogelijk. Daar kan de recensent bovendien een redelijkerwijs onderbouwd cijfer aan koppelen (met als referentiekader andere games uit hetzelfde genre en voorgangers uit dezelfde reeks). En nogmaals, het geeft de lezer ook de kans zo goed mogelijk te besluiten of de game bij hem of haar past. Klinkt logisch toch?

Wel, ik heb ook niet alle wijsheid in pacht en ik laat mij graag op andere ideeën brengen, maar ik vind het vreemd om te zien dat in heel veel recensies bepaalde kernelementen uit games onbesproken blijven. Soms zelfs zoiets belangrijks als het verhaal – en dan bedoel ik niet dat het verhaal niet compleet uit de doeken wordt gedaan inclusief alle spoilers. Nee, dat hoeft niet. Ik bedoel dat het verhaal letterlijk niet wordt genoemd, noch beoordeeld. Als je er vervolgens naar vraagt in de comments, dan beweert de recensent dat dit onderdeel geen invloed had op de beoordeling van de game. Diezelfde recensent vindt het dan weer niet zo prettig dat mensen alleen naar het cijfer kijken dat hij of zij heeft gegeven en geeft aan dat de tekst het belangrijkst is en niet het getal dat daaraan vasthangt. Hmm… volgens mij hoef je geen raketgeleerde te zijn om hier een tegenstrijdigheid te constateren.

Kijk je op dezelfde site bovendien naar een review van een andere game (al dan niet geschreven door dezelfde persoon), dan zie je daar ineens wél een “niet heel bijzonder verhaal” bij de minpunten staan. Tja, make up your minds en wees consequent. Een matig verhaal is of bij elke game een minpunt, of bij geen een. Ik stel voor het eerste.
Dan naar het tweede punt: de cijfer-inflatie. Wat ik hiermee bedoel, is dat zoveel games hoge cijfers mee krijgen, dat hoge cijfers an sich minder waarde hebben gekregen. Ik ga even generaliseren, maar we zijn ze gaan verwachten – we zijn gaan denken dat enkel games met cijfers van rond de negen de verkoopprijs waard zijn. Het cijfer is een soort numeriek koopadvies geworden en de drempel ligt torenhoog. Recensenten smijten met hoge cijfers alsof het niks is. Daardoor is er nauwelijks nog ruimte om games die iets uitzonderlijks doen daarvoor te belonen: immers, als middelmatigheid met een paar sterke punten al een kleine negen waard is, wat moet je een legendarische game met een paar imperfecties dan nog geven?

Gevoel is teveel leidend geworden. “Uhm, dit is dan misschien niet een hele bijzondere game, en het doet eigenlijk op een aantal vlakken onder voor de concurrentie, maar… ik heb er wel heel veel lol aan beleefd, dus ik geef de game een 8,5“. Zelfs bij schilderijen wordt naast gevoelswaarde enigszins objectief naar een werk gekeken: hoeveel productiewaarde en uniciteit heeft dit werk, wat heeft het betekend in de kunstgeschiedenis en hoe is de techniek van de kunstenaar? Recensenten zouden, in plaats van enkel te bepalen hoeveel lol zij aan de game hebben gehad, veel meer structureel kernelementen moeten bespreken en zich wat meer moeten verplaatsen in hun lezers – “wat moet een lezer weten over deze game om te bepalen of deze het geld voor hem of haar waard is?”.

Ik pleit ervoor meer het schoolcijfersysteem te gebruiken. Vanaf een 5,5 scoort een game een voldoende en is deze, voor de juiste persoon met het juiste humeur, de moeite waard. Vanaf een 7 gaan we naar een ruim voldoende, vanaf een 8 wordt goed gescoord – dit zijn de wat meer bijzondere games – en vanaf een 9 heb je het over een exceptionele game. Helaas zal dit niet zomaar gaan gebeuren: cijfer-inflatie zal niet makkelijk terug te draaien zijn. We hebben het hier namelijk over een cultuur bij recensenten van de vele gamesites en over verwachtingen van lezers én uitgevers, die allen het oude systeem gewend zijn.

Je las het goed, ik noemde expliciet ook uitgevers. Ik heb in het verleden vrijwillig als redacteur voor twee verschillende gamewebsites geschreven. Ik kreeg via die sites af en toe reviewexemplaren van games toegestuurd om daar dan uiteraard een recensie over te schrijven. Helaas had ik niet altijd de vrije hand in mijn oordeel: dat wil zeggen, ik heb wel eens te horen gekregen dat ik een game een hoger cijfer moest geven en de recensie wat positiever moest schrijven, omdat de uitgever onze site anders geen reviewexemplaren meer zou sturen. Een kleine ramp voor een gamesite, want mensen komen voor dat soort content en lezen die het liefst nog voor de game uit is. Het is niet mijn plaats om te stellen dat dit op grote schaal plaatsvindt, maar ik heb dit in ieder geval bij twee verschillende uitgevers op twee verschillende – weliswaar vergeleken bij InsideGamer.nl kleinere – sites meegemaakt. Bovendien hoor ik mensen achter bekende YouTube-kanalen ook nog wel eens zeggen dat ze waarschijnlijk een periode geen reviewexemplaren zullen ontvangen, omdat ze te negatief over een game zijn geweest. Het is natuurlijk ook een makkelijk pressiemiddel voor uitgevers: “jij zegt en scoort iets wat ons niet zo goed uitkomt – nou, dan zorgen wij er wel voor dat dat geen tweede keer gebeurt en dan heb jij een probleem”. Een reviewexemplaar niet of heel laat opsturen is uiteraard zo gepiept.

Misschien een wat negatief eindoordeel, maar ik denk niet dat cijfer-inflatie in de nabije toekomst gaat worden gecorrigeerd. En dus zal een zeven in de volksmond een “slechte game” blijven betekenen en zal je in budgetbakken games blijven vinden met achten en negens en citaten vol superlatieven van gerenommeerde gamesites. Mijn advies: scan tot die tijd reviews op de kernelementen die jij belangrijk vindt en voer daar de discussie over.

Dit artikel is onderdeel van een tweeluik over gamerecensies. Het tweede artikel “Kritisch zijn is oké” volgt binnenkort.

Leuke post? Drop een hartje

Score: 0/5 volgens 0 gamers

Nog geen hartjes. First!

Abonneer
Laat het weten als er
0 Reacties
Inline feedbacks
Bekijk alle reacties

Soulcalibur VI review – Fighters zijn ook solo leuk

De 15 coolste Amiibo